Het CBR praktijk examen

IMG_2774

Voor het examen zal de instructeur/rice jou goed voorbereiden op het examen zodat je weet wat er van je verwacht wordt. Het praktijk examen duurt ongeveer 55 min. Dit is inclusief de introductie en toelichting op de uitslag.

Bij het CBR maak je kennis met de examinator. Deze legt uit hoe het examen verloopt. Nadat je ID en theoriecertificaat zijn gecontroleerd, overhandig je (dubbelgevouwen) het formulier zelfreflectie. Deze heb je voor het examen ingevuld en wordt na het examen besproken. Vervolgens worden je ogen getest door middel van het lezen van een kenteken op afstand van ongeveer 25 meter.

Dan komt het! De rit kan beginnen.
Het praktijk examen is onderverdeeld in een aantal onderdelen:

CoördinatiepuntClusteropdrachtenParkeeropdrachtOmkeeropdrachtStopopdrachtRijden met navigatiesysteem
Coördinatiepunt
Je moet in staat zijn zelfstandig naar het coördinatiepunt te rijden. Het doel is veiligheid en
niet of je het coördinatiepunt bereikt. Zorg dus voor een veilig rit.
Clusteropdrachten
De examinator zegt je van te voren waar je naartoe moet. Hier krijg je een aantal opdrachten
achter elkaar te horen. Bijvoorbeeld, de eerste rechts, de 2e links, na de kerk links en daarna
de 3e rechts. Wees niet bang dat je dit vergeet, je kunt het gewoon vragen als je het even
kwijt bent.
Parkeeropdracht
De auto zelfstandig op een terrein kunnen parkeren op eigen inzicht. Je krijgt de opdracht
om de auto zo dicht mogelijk bij de ingang van (bijvoorbeeld) de Gamma te parkeren. Het is de
bedoeling dat je de auto dusdanig parkeert dat je makkelijk uit kunt stappen. Kijk tijdens het
parkeren goed om je heen, ook bij het verlaten van de parkeerruimte.
Omkeeropdracht
De auto op een zelfstandige manier keren in een straat door middel van een bijzondere
manoeuvre. De examinator geeft je de opdracht de weg in tegenovergestelde richting te

gaan volgen. Je kunt dit op verschillende manieren uitvoeren, helemaal afhankelijk van de
situatie. Gebruik je geleerde bijzondere verrichtingen om deze omkeeropdracht uit te
voeren. Zorg voor een goede keuze, ga geen bocht achteruit maken in een onoverzichtelijke
bocht.

Stopopdracht
De auto dicht achter een andere auto parkeren, zodanig dat je direct weer weg kunt rijden.
De stopopdracht is ook een onderdeel van het praktijkexamen. Je stopt de auto achter een
andere auto op een manier dat je gewoon weer weg kunt rijden zonder eerst achteruit te
hoeven. De mooiste afstand bij het stilstaan is dat je net de wielen van de auto voor je kunt
zien. Dan kun je altijd zonder problemen het vak uitrijden zonder eerst achteruit te moeten
rijden op je praktijkexamen.
Rijden met navigatiesysteem
De examinator geeft je een adres op die je moet volgen. Het navigatiesysteem moet je zelf
kunnen bedienen. Ook moet het navigatiesysteem altijd de kortste route aangeven.